Hoe het allemaal begon: 

 

5. Uw dochter haalt kerstmis niet

Langzaam word ik wakker van geluiden op de gang. Heel even weet ik niet waar ik ben en denk ik dat ik thuis ben. Ik houd mijn ogen dicht, alsof ik daarmee de werkelijkheid buiten kan sluiten. Ik hoor het gekletter van borden en bekers op de gang en ik hoor kinderen praten, huilen en gillen. Ik draai me om met mijn ogen dicht en probeer net te doen alsof ik in mijn eigen bed thuis lig. Maar het lukt me niet. De nachtmerrie gaat gewoon door na gisteren. Ik doe langzaam mijn ogen open en zie dat het buiten nog donker is. Ik kijk op het wekkertje op mijn nachtkastje dat mama meegenomen had, en ik zie dat het 6.05 uur 's morgens is. Ik kijk om me heen en ik voel me ineens van binnen heel naar. De herrie op de gang en het liggen in deze kamer geeft me een intens naar gevoel binnen in mijn buik. Ik voel mij alleen en in de steek gelaten. Ik kijk naar het gordijn voor me waar het jongetje van gisteravond ligt. Het gordijn is nog steeds dicht. Ik weet dat hij er is maar ik zie niks. Ineens gaat mijn kamerdeur open en vliegt er een wakkere zuster naar binnen. "Goedemorgen, wat willen we eten vandaag?" Ze kijkt mij niet aan en ze knipt in één keer het grote licht aan. Ik knijp mijn ogen dicht tegen het felle licht. "Hebben we geen goede zin vandaag, omdat de ogen nog dicht zijn? " Het is pas 6.05 uur, zou ze dat vergeten zijn? Ik doe mijn ogen open, knijpend tegen het felle licht, en zeg zachtjes dat ik een beschuitje met hagelslag wil. En na 10 minuten staat het bordje op het nachtkastje met een beker melk ernaast. De deur gaat weer achter haar dicht.

Lees meer »

4. Het kind in de glazen kooi

Slaperig kijk ik mijn moeder aan als ze de deur van de auto open doet. "We zijn er lieverd, stap maar uit". Even bedenk ik me dat we iets leuks gaan doen maar opeens weet ik weer waarom we hier zijn...Stilletjes stap ik uit en pak de hand van mijn vader en laat me mee naar binnen voeren. We lopen een heel eind door het ziekenhuis en stappen een lift in. In de lift zie ik een bordje staan: kinderafdeling. Papa drukt op het knopje naast het bordje. De lift stopt en de deuren gaan open en ineens staan we in een hele andere omgeving. Het is hier stil en grauw en ik zie kamers met bedden en kinderen. Ik kijk mijn ogen uit. Waar ben ik nu toch in terecht gekomen? Papa en mama praten met een verpleegkundige en ik sta daar maar stilletjes aan de hand van papa, een beetje verscholen achter zijn rug. Het liefst maak ik mij onzichtbaar. Ik blijf schichtig om mij heen kijken, ik zie kinderen in bed liggen met hun vader en moeder op een krukje naast hen. Waarom zijn zij hier?  Aan de muur hangen sinterklaas tekeningen en aan het plafond hangen ingepakte cadeautjes aan een touwtje.

Lees meer »

3. De rode koffer

Terwijl ik langzaam naar binnen loop om tijd te rekken kijk ik een beetje schuchter om me heen. Ik voel me heel erg ongemakkelijk en ik weet niet of ik moet lachen of huilen. De dokter zit achter zijn bureau met een grote map voor zich, mama zit tegenover hem op een stoeltje. Naast haar staat een leeg stoeltje. Papa loopt achter mij en sluit de deur. Het lijkt wel of ik opgesloten word en ik geen kant op kan. Het ongemakkelijke gevoel in mijn buik wordt steeds groter. Waarom is iedereen zo stil? Mama zegt dat ik op het lege stoeltje naast haar en tegenover de dokter mag gaan zitten. Zij zit naast mij en papa leunt tegen de muur naast de deur. Hij ziet eruit alsof hij elk moment om kan vallen. Mama zit een beetje te frunniken aan haar handen, verder zegt ze niks. Ze lacht niet, ze kijkt serieus en vermijd mijn ogen. Dan zoek ik maar houvast in de ogen van mijn vader maar ook daar vind ik het niet. Ze zitten een beetje in hun eigen wereldje lijkt het wel. Waarom? Wat is er toch?

Lees meer »

2. Hoe het begon......deel 2

Eenmaal thuis gekomen werd de stemming er niet beter op. Mijn vader praatte zachtjes met mijn moeder en ik zat er maar een beetje verloren bij. De pijn was wat minder, maar de bult op mijn knie zeker niet. Ik wreef verdrietig over mijn knie heen. Wat is er toch aan de hand met me? Waarom heb ik zo'n pijn in mijn knie? Ik kijk maar mijn dikke knie, het lijkt wel of hij nog dikker is geworden. Papa zit aan de telefoon, ik hoor hem met iemand praten. Het gaat over mij... "We gaan naar de dokter", zegt hij als hij opgehangen heeft.  "Morgenochtend zijn we als eerste aan de beurt bij de huisarts", zegt mijn vader weer. Maar ik moet toch naar school? Ik kan toch niet zomaar niét naar school gaan?  Mijn vader zegt dat ik best een dagje school kan missen. Dat heb ik hem nog nooit horen zeggen, hij vind het vast belangrijk dat ik naar de dokter ga...?                                                                                                                                                                                

Lees meer »

1. Hoe het begon......deel 1

Het is november 1985. Het is herfst. Overal liggen blaadjes op de grond, mooi vind ik dat. Ik hou van de herfst met zijn mooie kleuren en langzaam kaal wordende bomen. Ik verheug me op sinterklaas. Nog een paar weekjes en het is zover. Gezellig vind ik dat altijd, pepernoten en cadeautjes. Thuis gaat dan de open haard aan (de enige keer per jaar) en mijn vader denkt volgens mij nog steeds dat ik in sinterklaas geloof, hij klopt nog steeds op de deuren en strooit pepernoten, en als de bel gaat staan er pakjes voor de voordeur. Met een triomfantelijk gezicht kijkt hij dan naar mij en mijn broer. Maar ik heb hem door hoor, maar doe net of ik van niets weet. Mijn broer van 16 vindt mij kinderachtig omdat ik niks tegen mijn vader hierover zeg. Maar dat kan me niks schelen. Ik vind deze traditie veel te leuk.     

Lees meer »